Kort voorzaaien en dan snel naar buiten
Maar er zijn ook een paar soorten die je wel binnen voorzaait, maar daarna al vrij snel naar buiten verhuist: naar een vak in je bak of in een MM-mini.
Hoe je dat doet, leg ik je op deze pagina uit.
Om welke soorten gaat het?
Alle zaden in kleipillen
Een aantal van onze soorten leveren we in kleipillen*. Zoals de Kristalsla, 4 soorten pluksla: de Crispy, Batavia, Rode botersla en Eikenblad, Roodgroene pluksla en de Zomerandijvie.
Dat is niet alleen superhandig bij het zaaien, maar de zaden zelf kiemen ook sneller en beter dan kale zaden.
Dat komt omdat ze al een beetje zijn voorgekiemd.
Daardoor zijn deze zaden vrij duur, maar de planten zijn dan ook echt bijzonder.
De kroppen worden groot, vullen een heel vak, en je kunt er mega-veel blad van oogsten.
Het duurt ongeveer 6 tot 7 weken voordat je van zo'n krop kunt oogsten.
Maar in de eerste weken is het plantje nog klein en vrij kwetsbaar voor slecht weer en ongedierte zoals slakken.
Dat risico wil je met deze zaden niet nemen, daarom zaaien wij ze eerst binnen voor: op een lichte en vrij koele plek.
Omdat deze soorten het binnen veel minder goed doen dan buiten, verhuizen we het potje al snel naar buiten: zodra de zaailing goed is opgekomen en/of de eerste echte blaadjes al te zien zijn.
We zetten het dan het liefst in een leeg vak of in een MM-mini.
Daar passen makkelijk 9 potjes in:
Handig toch?
Want één vak bescherm je makkelijker tegen guur weer en ongedierte dan negen.
Bovendien maak je zo optimaal gebruik van je vakken.
Want deze plantjes zet je pas na een week of vier in een eigen vak, en tot die tijd kun je die eerst nog voor wat anders gebruiken.
Bijvoorbeeld voor radijsjes of andere soorten die je snel kunt oogsten.
Die zaden worden eerst afgespoeld en daarna alvast een heel klein beetje voorgekiemd. Dat noemen ze ‘primen’. Maar omdat dat de zaden wel wat kwetsbaar maakt, krijgen ze een jasje van klei.
Voorgekiemde zaden blijven minder lang goed dan niet-voorgekiemde zaden. De houdbaarheid van deze pillen is gegarandeerd tot 9 maanden. Je moet ze dus vrij snel zaaien. Maar als je de pillen vochtvrij en koel bewaart in de koelkast, kun je de kiemkracht wel wat rekken: tot zo’n anderhalf jaar.
Om zo veel en zo snel mogelijk te kunnen oogsten van deze zaden, raden we je daarom sterk aan om ze eerst voor te zaaien en pas als klein plantje buiten in je bak uit te planten.
Dropplant, Chinese bieslook, Zonnebloem en Afrikaantje
Bij de eerste twee doe ik dat, omdat ze én vrij lastig ontkiemen, én in het begin heel traag groeien. Kijk maar naar de Chinese bieslook:
Ze hebben geen warmte nodig, dus zet ze op een koele vensterbank. Daar kunnen ze dan rustig ontkiemen.
Zijn de zaailingen eenmaal goed opgekomen, dan kunnen ze ook naar buiten.
Zonnebloemen
Zonnebloemen zaai je wat later, op z'n vroegst in april. De kleine plantjes zijn extreem kwetsbaar: slakken zijn er dol op, en vogels pikken de zaden maar al te graag weg.
Zaai je ze voor in een potje en en zet je ze dan eerst in een vak dat je goed kunt beschermen, dan kunnen ze daar opgroeien tot ze een stevig plantje zijn.
Dan zijn ze niet meer zo kwetsbaar en kun je ze verhuizen naar een eigen vak.
Hoe doe je het?
Wat heb je nodig:
MM-airpotjes (kleine maat)
Makkelijke Voorzaaigrond (of de klassieke MM-voorzaaimix als je die nog hebt)
Keukenfolie en elastiekjes (alleen bij de tklassieke MM-voorzaaimix, niet bij die van kokos)
Een label per potje
Misschien leuk om te weten: die potjes en die labels kun je jaar-in-jaar-uit weer gebruiken.
Onze potjes zijn al ruim 5 jaar, en onze labels nog veel ouder.
Stap voor stap:
Vul de airpotjes met vochtige voorzaaimix.
Maak een gaatje van ongeveer 1 cm diep en stop er 1 kleipil in, of - bij de andere soorten - meerdere zaadjes. Volg daarin de app.
Gebruik je de klassieke voorzaaimix, dan dek je het potje af met een stukje keukenfolie en een elastiekje. Zo blijft de mix mooi vochtig. Gebruik je die met kokos dan sla je deze stap over.
Zet de potjes op een lichte, koele plek: niet warmer dan 15–16 °C. Een onverwarmde slaapkamer of bijkeuken is prima.
Zodra je de zaailing ziet, haal je het folie eraf.
Als de eerste echte blaadjes verschijnen, kunnen de plantjes naar buiten.
Gezellig samen in één vak
Eén vak beschermen tegen slakken, vogels en slecht weer is namelijk veel makkelijker dan negen losse vakken door je hele bak. Je dekt het af met een muts - of een stukje gaas - en je bent klaar.
Een paar weken later zijn je plantjes dan groot genoeg om uit te planten in een eigen vak.